photo-2_students

Docent vertelt: Studenten denken dat wij docenten het geil vinden, een tijdlijntje

In deze tweewekelijkse rubriek vertelt een docent over zijn werk. Over hoe de studenten online journalistiek gedoceerd krijgen. Over hoe die verhalen goed (en soms minder) zijn. Wat het belang van online journalistiek is. Hoe hij tegen de journalistieke praktijk aankijkt. Lees hier de tweede editie met Roy Mevissen.

Mevissen is (pop)journalist bij onder andere Eindhovens Dagblad en doceert ‘Journalistieke Technieken’ op de Fontys Hogeschool in Tilburg. Zijn specialiteit: Crossmedia Storytelling. 

“Laten we er een tijdlijntje in gooien, dat vinden ze geil.” Ik hoorde het, maar gaf geen krimp. Hoewel ik denk dat de hartslag zichtbaar was in mijn hals. Dat mijn ogen vuur spuwden. Studenten denken dat wij docenten het geil vinden, een tijdlijntje. Maar ik durf te bekennen dat ik het internet niet afstruin om mijzelf te bevredigen op interactieve, historische tools.

Toch ergerde het me, die opmerking. Want waarom denken ze dat? Waarom een docent pleasen, terwijl je de diepere gedachte mist? Je moet jezelf trots maken. Je kunt iedere dag iets maken waar je van gaat glimmen. Je moet een verhaal vertellen dat andere mensen willen lezen. Of beter: moeten lezen! Omdat het zo onwijs goed, gaaf, spannend en inhoudelijk is. Maar het moet ook een wow-factor hebben, wil je jezelf onderscheiden.

Het gebruik van een tijdlijn kan daar een bijdrage aan leveren. Is het wow? Niet noodzakelijk. Is het innovatief? Ach. Geil? Allerminst. Maar het is een mogelijkheid om iets interactief te maken. Het is ook een mogelijkheid om jouw productie anders op te bouwen. Het biedt je als journalist een goede manier om jouw verhaal goed te presenteren. En je biedt de lezer macht. De macht van keuzes maken. De macht van interactiviteit.

Journalisten zijn niet de grootste uitvinders. Ze zijn ook geen innovators of early adopters. Ze volgen en blijven vaak trouw aan hun eigen waarden. Dat zie je helaas ook nog weleens terug bij de jongere generatie journalisten. Dus is het gebruik van een tijdlijntje een docentenpleaser.

Maar ik probeer het inmiddels anders te benaderen. Geen kloppende aders meer. Wel de student duidelijk maken waar de missie ligt. Want interactiviteit is een must. Spelen met tools ook. Waarom? Omdat de consument het verwacht. Interactiviteit zit in ieders genen. We moeten wat te klikken hebben, we willen de macht van keuzes voelen. Wij journalisten moeten ze geven wat ze eisen. Anders haken ze af, begrijpen ze je niet en raken ze teleurgesteld.

Je hebt het zelf vast ook weleens meegemaakt. Je staat bij een koffie- of pinautomaat, drukt op het scherm, maar er gebeurt niets. Totdat je ontdekt dat het geen touchscreen is. Je bent het zo gewend dat schermpjes reageren op jouw vingers, dat het bijna een vanzelfsprekendheid geworden is. Gebeurt het niet dan kijk je verdwaasd en later beschaamd om je heen.

Zo werkt het met verhalen op internet ook. Bied je die interactiviteit niet, of in het kader van dit bedrijf, gebruik je geen tools, dan faal je. Toch gebruiken veel traditionele journalisten het internet nog als een spiegel van hun eigenlijke product. In printtermen: veel tekst, weinig interactiviteit. Dat zag je ook gebeuren in de begin dagen van de iPad (en misschien nog steeds wel). De krant werd verplaatst naar een nieuw medium, zonder optimaal de mogelijkheden te gebruiken van video, audio of weet ik wat meer. “They are screwing up what should be their biggest chance”, oordeelden jongeren in een Amerikaans onderzoek naar iPad apps van journalistieke bedrijven.

Teksten zijn vaak nog te statisch (kijk naar deze tekst). Daarmee vermoeiend. Dat moeten we veranderen als journalisten. Niet omdat het geil is, wel omdat het je mogelijkheden biedt. Niet alleen omdat de consument het verwacht, maar vooral ook omdat JIJ voor de wow-factor kunt zorgen. En als het dan geil is, dan is dat mooi meegenomen. Speel, innoveer, zoek naar mooie vertelvormen. Daar ligt de uitdaging. Zoals hier. Hier word ik dus wel ongekend geil van.

 

Lees ook:
Docent vertelt: #nietomdathetkan?

Say Something